U kijkt naar de website van NRC Handelsblad gedurende de periode 1995-2001. Bezoek ook de de huidige site.

NIEUWS  TEGENSPRAAK  SUPPLEMENT  DOSSIERS  ARCHIEF  ADVERTENTIES   SERVICE


Affaire Srebrenica

Nieuws

Chronologische reconstructie

Commissie Bakker

Achtergrond

Opinie

Links

'Verklaring was propaganda'; Brief Voorhoeve aan Tweede Kamer

Het is vanzelfsprekend van groot belang de toedracht van de gebeurtenissen rondom de val van Srebrenica zorgvuldig te onderzoeken en op schrift te stellen. [..]

Inmiddels zijn 21 kaderleden van Dutchbat van 21 tot en met 23 juli in Zagreb al gedebriefed. Deze eerste debriefing had betrekking op de periode van 3 tot en met 15 juli. De resultaten van deze debriefing, die uiteraard een voorlopig karakter hebben, onderschrijven mijn brief van 27 juli jl. aan de Tweede Kamer over de val van Srebrenica. Het volgende moge als aanvulling dienen: - de vrachtwagens en pantservoertuigen van Dutchbat, die op dinsdag 11 juli voor de overhaaste evacuatie van de bevolking werden ingezet, waren overladen met mensen die de voertuigen in paniek hadden bestormd. Zij gingen daarbij ook aan de buitenzijde van de voertuigen hangen. Enkele vluchtelingen vielen onderweg van Srebrenica en Potocari van de overvolle voertuigen. In een aantal gevallen kwamen zij daarbij onder de voertuigen terecht. [..] - op dinsdag 11 juli heeft Dutchbat - toen Srebrenica op het punt stond in handen van de Bosnische Serviërs te vallen - ook 58 gewonden uit het ziekenhuis van Srebrenica geëvacueerd en naar het kampement in Potocari gebracht; [..] - op vrijdag 14 juli reed het personeel van de verbandplaats in Potocari met een vrachtwagen terug naar Srebrenica. Zij troffen in het dorp twee doden aan. Ook zag het personeel dat Bosnische Serviërs huizen in Srebrenica leeghaalden. Op de terugweg werden zes bejaarden meegenomen naar Potocari.

De eerste debriefing heeft de standrechtelijke executie van tien mannen, vermeld in de brief van 27 juli, bevestigd; negen van hen werden met schotwonden in de rug aangetroffen, één man werd in de omgeving van de buslocatie in Potocari doodgeschoten. Aan deze melding moet op grond van de eerste debriefing, het volgende worden toegevoegd: - in het kampement te Potocari zijn in totaal vijf vluchtelingen overleden, waaronder een baby; - op 14 juli vertrok een transport met ongeveer 65 gewonden onder leiding van een Nederlandse arts van Potocari naar Kladanj in Midden-Bosnië. Het konvooi werd bij het naderen van de confrontatielijn door Bosnisch-Servische troepen aangehouden. Ongeveer 23 gewonden werden door hen lopend verder gestuurd of ter plekke achtergelaten. De rest van het konvooi werd vervolgens door de Bosnische Serviërs naar Bratunac gedirigeerd, waar de gewonden op 15 juli in het hospitaal werden ondergebracht. De arts trof hier ook gewonden aan die eerder bij het uitstappunt bij de confrontatielijn waren achtergelaten. Op 16 juli werden de gewonden door de arts verzorgd. Op 17 juli werden ongeveer 23 gewonden aan het Comité van het Rode Kruis overgedragen. Ongeveer tien gewonden werden in overleg met het Joegoslavische Rode Kruis naar een militair hospitaal in Zvornik, op Bosnisch-Servisch grondgebied, afgevoerd. De arts heeft op 17 juli, na een korte afwezigheid, vastgesteld dat de resterende gewonden niet langer aanwezig waren in het ziekenhuis van Bratunac. Hun lot is onbekend; - op 15 juli, toen de in Cimizi vastgehouden groep Dutchbatmilitairen naar Bratunac werd verplaatst, zag een militair op een voetbalveld bij Nova Kasaba een rij schoenen en rugzakken van naar schatting honderd personen liggen. Even later zag hij een tractor met een kar waarop lijken lagen. Ongeveer vijfhonderd meter verderop zag hij een rij schoenen en uitrusting van naar schatting twintig tot veertig personen. Hier zag hij een kipauto met lijken en, even verderop, een 'shovel' met lijken. [..] Op 17 juli is in Srebrenica een bijeenkomst gehouden van de nieuwe Bosnisch-Servische 'autoriteiten' van Srebrenica met de vertegenwoordiger van Unprofor, de plaatsvervangend commandant van Dutchbat majoor Franken, die de toen zieke commandant, luitenant-kolonel Karremans, verving. De bijeenkomst werd tevens bijgewoond door drie vertegenwoordigers van de moslimvluchtelingen, die ook aanwezig waren geweest bij ontmoetingen met generaal Mladic op 11 en 12 juli. Op de agenda stonden het vertrek van Dutchbat uit Potocari en eventuele steun van de Nederlandse blauwhelmen bij het herstel van het ziekenhuis en de waterleiding in Srebrenica.

Aan het einde van de bijeenkomst vroegen de Bosnische Serviërs, onaangekondigd, de drie vertegenwoordigers van de moslimvluchtelingen een 'verklaring' te ondertekenen. Van het bestaan van deze verklaring ben ik vrijdag 28 juli op de hoogte gesteld. De verklaring bestaat uit twee delen. Het grootste deel verwijst naar wat tijdens de ontmoeting van 12 juli tussen dezelfde vertegenwoordigers van de moslimvluchtelingen en generaal Mladic in Hotel Fontana in Bratunac zou zijn besproken. Bij deze ontmoeting was, zoals bekend, ook luitenant-kolonel Karremans aanwezig. Volgens de verklaring is toen overeengekomen dat de moslimbevolking 'vrijwillig' en onder begeleiding van VN-militiaren zou worden geëvacueerd. De verklaring maakt geen gewag van enig onderscheid naar groepen vluchtelingen.

Het tweede deel van de tekst, de eigenlijke verklaring, stelt dat de evacuatie van de vluchtelingen correct en overeenkomstig de op 12 juli gemaakte afspraken was uitgevoerd, met inachtneming van de Conventies van Genève en het internationale oorlogsrecht.

De verklaring werd ondertekend door een van de vertegenwoordigers van de moslimvluchtelingen, Nesib Mandzic, die geen bezwaar tegen de inhoud aantekende, en de vertegenwoordiger van de Bosnische Serviërs, Miroslav Deronjic. De plaatsvervangend commandant van Dutchbat werd hierop, als vertegenwoordiger van Unprofor, verzocht de verklaring van de vertegenwoordigers van de moslimbevolking mede te ondertekenen. De verklaring, die op zijn verzoek eerst in het Engels is vertaald, kon naar zijn mening echter uitsluitend betrekking hebben op konvooien die ook werkelijk door Nederlandse VN-militairen zijn geëscorteerd. Hij weigerde haar dan ook te aanvaarden voor die konvooien waarop Dutchbat geen of onvoldoende toezicht heeft kunnen uitoefenen. Vandaar zijn handgeschreven - beperkende - toevoeging.

De verklaring houdt op geen enkele wijze in dat Dutchbat zijn goedkeuring heeft verleend aan de evacuatie van de bevolking van Srebrenica of de wijze waarop deze is verlopen. Evenmin doet zij afbreuk aan mijn brief aan de Tweede Kamer van 27 juli, waarin is gesteld dat Dutchbat de aparte behandeling van mannen niet heeft gesanctioneerd maar hiertegen juist heeft geprotesteerd. De Bosnische Serviërs hebben de inwoners van de enclave met geweld van huis en haard verdreven. Generaal Mladic heeft herhaaldelijk aangegeven dat het de plaatselijke bevolking vrij stond in Srebrenica te blijven; in werkelijkheid was van een vrijwillige evacuatie geen sprake.

Ik wijs deze verklaring als onjuist van de hand. Zij is onder druk van de Bosnische Serviërs tot stand gekomen en geeft geen juist en volledig beeld van de evacuatie. De Bosnische Serviërs moeten er een propagandistisch doel mee hebben beoogd: het is een doorzichtige poging om de verdrijving van de bevolking van Srebrenica achteraf te rechtvaardigen. [..] Fragmenten uit de brief die minister van defensie dr. ir. J.J.C. Voorhoeve gisteren aan de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Terug naar overzicht

NRC Webpagina's
27 augustus 1995

    Bovenkant pagina

NRC Webpagina's © NRC Handelsblad