U kijkt naar de website van NRC Handelsblad gedurende de periode 1995-2001. Bezoek ook de de huidige site.
   B I N N E N L A N D
NIEUWS  | TEGENSPRAAK  | SUPPLEMENT  | AGENDA  | ARCHIEF  | ADVERTENTIES  | SERVICE 

  NIEUWSSELECTIE  
  KORT NIEUWS  
  RADIO & TELEVISIE  
  MEDIA  

S c h a k e l s
Ministerie van Onderwijs

Pvda

Portet Adelmund (Den Haag)


Den Haag

De activiste-staatssecretaris van Onderwijs is nog geen volleerd bestuurder

Karin Adelmund worstelt met de macht


Nu de brandjes in het studiehuis lijken geblust, kan staatssecretaris Adelmund (Onderwijs) opgelucht ademhalen. Wekenlang zocht ze een weg uit de kluwen van tegengestelde belangen op scholen. Profiel van een PvdA-politica die de moeilijkheden vaak opzoekt.

Door Joost Oranje en Frederiek Weeda

Zet twee bijeenkomsten met Karin Adelmund naast elkaar en zoek de verschillen.

Prinsjesdag 1991. De Coolsingel in Rotterdam. Op het podium: de vice- voorzitter van de vakcentrale FNV voor een demonstratie tegen ingrepen in de WAO door het toenmalige kabinet Lubbers-Kok. "Het wordt tijd dat de politiek weer een eigen sociaal geweten krijgt", klinkt het over de hoofden van de demonstranten.

Maandag 6 december 1999. Het Malieveld in Den Haag. Op het podium: de staatssecretaris van Onderwijs, door scholieren bekogeld met eieren omdat zij het studiehuis te zwaar vinden. Maar ook hier mooie actietaal: "Jullie hebben mij achter je". Veel aspecten zijn tijdens beide gebeurtenissen identiek: lichaamstaal, dictie, en de indruk dat ze terstond het gevecht aan wil gaan voor haar publiek.

Maar de werkelijkheid van Coolsingel en Malieveld kent meer verschillen dan overeenkomsten. Trad Adelmund in 1991 nog op als vakbondsvrouw, belangenbehartiger en vechter tegen de politiek; in 1999 was ze verdediger van die politiek, bestuurder en verantwoordelijk voor de studiehuismaatregelen. "Toen ik die beelden van de scholierendemonstratie zag, dacht ik: die voelt zich geen staatssecretaris meer, die is weer vakbondsvrouw", zegt CDA-Tweede- Kamerlid Gerda Verburg, als oud-bestuurder van de christelijke vakcentrale CNV jarenlang 'maatje' van Adelmund in sociaal-economisch Nederland. Roel in 't Veld, oud-PvdA-staatssecretaris van Onderwijs: "Vanuit een groot hart ging ze mee met dat protest en definieerde ze leerlingen als werknemers die dus gelijk hadden. Zo'n positie kan ze nu niet meer innemen. Er was een besluit genomen en daar moet je als staatssecretaris voor blijven staan".Maar podia van protest doen Adelmunds bloed sneller stromen. Knokken, strijden, vechten: het is haar met de paplepel ingegoten en ze draagt dat verleden als een kleinood met zich mee. Ze groeide op in een groot gezin in het oude noorden van Rotterdam. Vader overleed vroeg, moeder moest met bijstand het gezin draaiende houden. Ze studeerde sociale wetenschappen in Amsterdam, toonde veel belangstelling voor Derde Wereld en feminisme en had haar eerste politieke sympathie voor de CPN. "In de vakbeweging sloeg die achtergrond natuurlijk goed aan", vertelt Verburg. "Dat heeft haar geen windeieren gelegd. Karin straalt de klassenstrijd bijna fysiek uit." Jacques Wallage, oud-staatsecretaris van Onderwijs en ex- PvdA-fractievoorzitter, noemt haar "een vrouw die altijd tegen de berg op loopt. Een echte socialiste die de wereld wil veranderen, niet interpreteren." Verburg vertelt haast nostalgisch over de vele vergaderingen die ze samen met Adelmund in hun vakbondstijd voerde: " Ze gedijde prima in de sfeer van: 'wij van de bonden tegen hun van de werkgevers of het kabinet'. Heerlijk eenduidige vijandsbeelden waarin Karin's verbale demagogie goed de toon zette. Maar de politiek kent complexere processen dan het besturen van een vakbond."

Als staatssecretaris is Adelmund daar de afgelopen maanden hard mee geconfronteerd. Zelf verzuchtte ze onlangs: "Ik begrijp het niet. In het onderwijs klagen mensen over een probleem. Dan zoek je een oplossing en dan wordt de oplossing weer het probleem." Jacques Tichelaar, voorzitter van de grootste lerarenbond AOB: "Adelmund moet nu regisseren, omdat ze te maken heeft met grote tegengestelde belangen". Hij noemt als voorbeeld de vierdaagse schoolweek op basisscholen. "Maak je schoolbesturen blij, dan dupeer je soms ouders." Ook het gedraai met het studiehuis laat zien dat het doorhakken van knopen niet Adelmunds sterkste kant is. "Ze moet nog leren dat je als bestuurder niet altijd vrienden maakt. Soms moet je beslissingen nemen waar een groep niet blij mee is", zegt Tichelaar.

Hoewel Adelmund in haar tijd als PvdA-partijvoorzitter altijd zei "niet van de lieve vrede te houden", vindt ze het, als puntje bij paaltje komt, moeilijk omgaan met weerstand. In haar typische proza ("ideeën op zichzelf zijn gekleurde ballonnen die recht de lucht ingaan") komt ze vaak zelfverzekerd over. Maar ze kan diep aangeslagen zijn als blijkt dat mensen haar niet steunen. Tichelaar merkte het onlangs nog toen hij zich in HP/De Tijd kritisch had uitgelaten over haar. Een kort, boos telefoontje volgde: " Ik dacht er sprake was van loyaliteit", beet Adelmund hem toe.

Loyaliteit, maar ook geloofwaardigheid, zijn twee cruciale begrippen in haar politieke loopbaan gebleken. In 1994 waagde ze de stap van de FNV naar de politiek, net toen de PvdA volgens Wallage "een buitengewoon gespannen verhouding" had met de vakbeweging. Oorzaak waren de WAO-ingrepen door het kabinet Lubbers/Kok. Adelmund, die het protest tegen de WAO-plannen had aangevoerd, kwam dankzij de net ingezette partijvernieuwing hoog op de kandidatenlijst binnen. Ze verwierf de meeste voorkeurstemmen na Kok en koos voor het invloedrijke vice- fractievoorzitterschap in de Tweede Kamer. Ze verbond zich óók aan een regeerakkoord dat nog eens miljarden bezuinigingen op de sociale zekerheid voorschreef. In februari 1995 werd ze hardhandig met de neus op de feiten gedrukt tijdens een debat over de herkeuring van oudere WAO'ers. SP-fractievoorzitter Jan Marijnissen refereerde toen aan haar kritische opstelling over dat onderwerp als FNV'ster, waarna Adelmund haar tranen ("de waterleiding staat bij mij net zo hard aan als bij u") niet kon bedwingen. "Daar werden de twee zielen in één borst zichtbaar: ze wil de macht kritiseren, maar is er tegelijk onderdeel van", zegt Marijnissen. Het incident ging de geschiedenis in als hét symbool van haar worsteling met het verleden. Wallage noemt het tekenend dat ze, ondanks het risico dat ze ongeloofwaardig zou overkomen, toch dat debat wilde voeren: "Ik was daar geen voorstander van, juist vanwege haar achtergrond. Zij wilde het echter per se doen om vertrouwen bij de kiezers te herstellen". Marijnissen noemt het voorval kenmerkend voor zowel Adelmund als de PvdA. "Ze is binnengehaald om het afgebladderde sociale gezicht van de partij te redden, maar als je onderzoekt wat haar komst nou wezenlijk voor het beleid heeft uitgemaakt, is dat weinig." Zelf noemde ze haar ervaringen in het centrum van de macht "een harde les". En: "Als je verantwoordelijkheid draagt, draag je ook verantwoordelijkheid dat dingen soms niet bereikbaar zijn".

In de fractie had ze veel aandacht voor 'menselijke aspecten'. Zoals ze in de FNV-federatieraad vaak dropjes uitdeelde om de sfeer goed te houden, zo probeerde ze binnen de PvdA-fractie de traditionele vechtcultuur te doorbreken, onder meer door ruziënde fractiegenoten bij elkaar te brengen. Zowel in haar vakbondswerk als in de politiek was ze niet bang om met oude waarheden te breken. In 1993 presenteerde ze de FNV-nota 'Veelkleurige vooruitzichten', waarin afscheid werd genomen van de 'familie Doorsnee' en meer nadruk werd gelegd op individuele economische vrijheden. In 1996 kwam ze met de nota 'Sociale zekerheid bij de tijd', met voorstellen om sociale voorzieningen los te koppelen van het traditionele kostwinnersbeginsel.

Ook op Onderwijs probeert Adelmund te breken met bijvoorbeeld de PvdA- traditie om scholen te bestoken met regels vanuit het departement in Zoetermeer. Schoolbesturen, die al jaren ijveren voor meer bewegingsvrijheid, noemen haar houding in dat opzicht "verfrissend". In een 'beleidsbrief' die zij en minister Hermans (VVD) in september vorig jaar naar de Kamer stuurden, toont ze zich opvallend liberaal: scholen moeten vooral zelf beoordelen hoe ze het beste lesgeven; de overheid moet alleen ingrijpen als het dreigt mis te gaan. Zowel binnen het departement als bij scholen, bestaat waardering voor haar vermogen te luisteren. Maar, zo is te horen, dat is ook haar zwakte, omdat haar mening vaak is gebaseerd op het laatste gesprek dat ze heeft gehad. In 't Veld noemt haar ideeën "een beetje flets en nog weinig uitgesproken". Wallage karakteriseert haar als "het tegendeel van een kille apparatsjik, maar af en toe mist ze precisie". Hij wijst op de moeilijke dubbeltaak die een bewindspersoon van onderwijs heeft: "aan de ene kant moet je continu consensusbeleid met ouders, scholen of bonden voeren, aan de andere kant moet je het vermogen hebben om voor de troepen uitlopend over gindse heuvels te kijken. Grote veranderingen met kleine stappen voorwaarts".

Met de vaak kleine bewegingen in de politiek had ze het in haar tijd binnen de PvdA-fractie al moeilijk. Ex-CNV'ster Verburg, die enkele jaren later de overstap van de vakbeweging naar de Haagse politiek maakte, herinnert zich nog hoe ze Adelmund een van de eerste keren in het Kamergebouw tegenkwam. "Ze liep met zo'n typerende stapel dossiers onder d'r arm en waarschuwde me: Gerda, soms word je hier door al die kruideniers de nek omgedraaid, hoor." Binnen haar eigen partij wordt ze als een soms naïeve politica gezien. Toen ze in 1997 als partijvoorzitter gekozen werd en vanuit die positie een cruciale rol speelde in de verkiezingstijd, waarschuwde haar broer Frits: "Kaatje, ik heb je met je kop tussen de spijlen van de trap zien vastzitten. Daar moest je uitgezaagd worden. Dat moet je bij de PvdA dus ook niet doen. Je kop niet in dingen steken waar je in vast komt te zitten". Toch gebeurde dat tijdens de campagne. Tot ieders verbazing stelde ze twee klassieke PvdA-taboes aan de orde: de aftrek van de hypotheekrente en de opvolging van partijleider Kok. Het werd haar in het PvdA- verkiezingsteam niet in dank afgenomen. In de documentaire 'De keuken van Kok', die dat team volgde, legt de camera genadeloos bloot hoe ze noodgedwongen de tweede viool speelde. Haar invloed binnen de partij is groot, maar kent een grens. Ingewijden bij de laatste formatie vertellen dat Kok, die wegens haar verleden en directheid een zwak voor haar heeft, Adelmund desondanks "onder geen beding" op de door haar gewenste post van minister van Sociale Zaken wilde hebben. Ze reageerde boos, weigerde in eerste instantie een staatssecretariaat (van Emancipatiezaken) op dat departement, kwam daar op terug toen die post al aan D66 vergeven was en belandde uiteindelijk op onderwijs.

De teleurstelling eenmaal te boven, manifesteerde Adelmund zich daar in de haar kenmerkende stijl. Zo probeert ze de gedeprimeerde houding van veel docenten aan te vechten. Overal waar ze komt, geeft ze new-age- achtige peptalk. Leraren noemt ze "mijn wandelende diamantjes", over het sleetse imago van het lerarenberoep zegt ze: "Ik wil de prik weer in de limonade". Problemen heten "uitdagingen". Toch valt die peptalk niet altijd goed bij leraren, merkt Kees Geuze, directielid van de landelijke schoolbesturenraad, omdat ze de problemen lijkt te bagatelliseren. "Ik begrijp haar pogingen wel, maar met enthousiasme alleen verander je weinig, dat moet je ondersteunen met beleid". Het taalgebruik past in haar idee dat beeldvorming belangrijk is. Toen ze in november 1999 voor de tweede keer in de Kamer haar tranen liet lopen, was dat niet wegens de treurige feiten over de achterblijvende schoolprestaties van allochtone leerlingen en zwarte scholen, maar om het beeld dat "niemand het heeft over de spectaculaire sprong die die kinderen wel hebben gemaakt'. Zelf koos ze voor haar twee kinderen de Amsterdamse Asvo-school, een van de scholen die een bijdrage vraagt van de ouders met een hoog inkomen van 1.175 gulden per jaar: bijna twaalf keer zo hoog als het landelijk gemiddelde. De school kan dankzij deze bijdrage onder andere de klassen klein houden. Adelmund wijst er op dat het gaat om een "vrijwillige ouderbijdrage". Zij wil hier verder niet op ingaan. "Dit is een privézaak."

Na de studiehuissoap liggen er in haar portefeuille weer nieuwe problemen te wachten op Adelmund waarvoor haar betrokkenheid en vermogen om te luisteren onmisbaar zullen zijn, zegt schoolbestuurder Geuze. Het lerarenkorps is vergrijsd en er treden te weinig jonge leraren aan. In de grote steden is de etnische segregatie niet meer terug te draaien. Scholen in de provincie hebben een groeiende voorsprong op die in de Randstad. Daarnaast accepteren ouders het gezag van de school niet vanzelf; zij spannen zelfs rechtszaken aan. Bovendien is er achttien jaar lang bezuinigd, maar zijn er tegelijkertijd wel grootscheepse vernieuwingen ingevoerd.

Oud-vakbondscollega Gerda Verburg heeft nog wel een advies: "Deze post kan haar als bestuurder volwassen maken. Maar dan moet ze haar FNV- petje diep wegstoppen en emotie niet altijd van verstand laten winnen".

Curriculum vitae

Geboren op 18 maart 1949 te Rotterdam.

Studeerde in 1979 af in de sociale wetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam.

  • 1978-1985: voorzitter Vrouwenbond NVV, later FNV;

  • 1985-1994: lid Federatiebestuur FNV, vice-voorzitter vakcentrale;

  • 1994-1998: lid Tweede Kamer, lid fractiebestuur PvdA, vice- fractievoorzitter PvdA;

  • 1997-1998: partijvoorzitter PvdA;

  • 1998: sinds 3 augustus staatssecretaris Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen, belast met basis- en voortgezet onderwijs.

    Andere functies die zij in het verleden bekleedde: lid Sociaal- Economische Raad, lid Stichting van de Arbeid, lid curatorium Stichting Willem Drees-lezing, lid raad van toezicht Rijksmuseum, voorzitter NES- theaters, lid Comité Natuur en Milieu.

    Karin Y.I.J. Adelmund is samenwonend in Amsterdam en heeft twee kinderen.

  • NRC Webpagina's
    17 JANUARI 2000


    ( a d v e r t e n t i e s )

        Bovenkant pagina

    NRC Webpagina's © NRC HANDELSBLAD (web@nrc.nl)