B E E L D :
Polyester emoties
Maarten Huygen
Met het polyester pak wil het
niet vlotten in Nederland. C&A dacht een voltreffer te hebben met
zwarte pakken waar je je hand aan brandt als je er te snel langs
strijkt. Bijna niemand die het kocht, bleek in deel 2 van de serie
Clemens & August. Eerst zag ik de gretige inkoop bij de C&A-
herencentrale in Brussel. Alles moet goedkoop, was het adagium, want de
dure pakken waren geflopt. De inkoopleider kwam van buiten en pas de
laatste maanden schaamde hij zich niet meer om met een C&A-zak over
straat te gaan.
Polyester pakken passen bij een Amerikaanse service-cultuur, waar
iedereen, van arm tot rijk, gedast en gejast op het werk moet
verschijnen. In Nederland mag sinds de jaren zestig een spijkerbroek
ook en dat staat minder armoedig dan zo'n glinsterig herenkostuum.
Nederland kent een sjofele fleurigheid. De mislukking van zwart
polyester kregen we te zien bij het nieuwe filiaal Amersfoort. De
verkoper van de herenafdeling bleef er mee zitten en klaagde dat de
klant liever een wollen pak voor 350 gulden had in plaats van polyester
voor 135. "Ik vind het een schande wat ik moet doen om het er goed uit
te laten zien", zegt hij. Het liefst wil de klant voor een dubbeltje op
de eerste rij, wol of katoen voor de prijs van polyester, en vaak lukt
dat ook nog vrij aardig. Dat is het moeilijke van textiel verkopen waar
ik nog wel wat meer over had willen horen. De maakster, Claudia
Tellegen, boft dat het tijdens de opnamen zo slecht ging met C&A, want
die spanning geeft haar drieluik vaart. Gisteren volgde de camera de
opening en de eerste matige weken van een nieuw filiaal in Amersfoort,
terwijl bekend werd dat de hele Britse organisatie dicht zou gaan.
Volgende week de laatste aflevering.
Het uur van de wolf toonde zondag een door de NPS bij het
documentairefestival IDFA voor de Zilveren Wolf genomineerde maar niet
bekroonde videodocumentaire Child of the Death Camp: Truth and Lies.
Deze BBC-film over een Zwitser die zich ten onrechte voordeed als
holocaustslachtoffer, volgde een helder analytische verteltrant die in
Nederland uit de mode is. De informatie van drie lange
Dokumenten maar dan in één uur, flitsend en vol
interessante beelden en commentaar. Het begon als een gewone
holocaustdocumentaire: twee kampslachtoffers, Mengele-kinderen, de
Zwitser van Baltische afkomst, Wilkomirski, en een Amerikaanse
ontmoetten elkaar. Ze herkenden elkaar uit de kamptijd. Tranen en
applaus in het zaaltje waar ze waren. Dan die gruwelijke
zwartwitbeelden van stapels lijken die ik al zo vaak op tv heb gezien.
Dan, op een derde van de docu, wordt het verhaal ontrafeld. Eerst hecht
je als kijker nauwelijks waarde aan de door Daniel Ganzfried geuite
beschuldiging dat het verhaal niet klopt maar de makers halen het hele
gebouw uit elkaar. De Amerikaanse vrouw die Wilkomirski "herkende", wil
zich niet laten interviewen. Zij blijkt anders te heten en in Seattle
te zijn geboren. Tien jaar eerder was ze al op de televisie als
vermeend slachtoffer van satansrituelen met babymoorden. Ook daar viel
ze door de mand, dankzij kritische Amerikaanse journalistiek. Bij
Dokument was haar verhaal zeker overeind gebleven. De Zwitser
bleek achteraf wel geadopteerd, niet als joods vluchtelingenkind uit
het kamp, maar als zoon van een arme, alleenstaande Zwitserse moeder. De
documentairemakers hadden zelfs zijn natuurlijke vader opgespoord en die
wilde wel een DNA-test laten doen maar Wilkomirski, die wel de erfenis
van zijn natuurlijke, Zwitserse moeder Grosjean had aanvaard, weigerde.
Degene die zich als zijn vader beschouwde, een orthodoxe jood uit
Israël, had wel een DNA-test genomen maar hij geloofde de
negatieve uitslag niet. Sindsdien gaat Wilkomirski met een keppeltje op
naar herdenkingen, in Israël en elders. Vroeger zou een adoptief-
kind hebben gefantaseerd dat hij in het echt van een koning afstamde.
Grosjean, alias Wilkomirski zoekt de hoogste status in het holocaust-
slachtofferschap; wat een wrede, eigentijdse ironie. De BBC hield het
gelukkig niet bij de polyester emoties.