
NIEUWSSELECTIE
KORT NIEUWS
RADIO & TELEVISIE
MEDIA
|
De peetvader van het tennistalent
Door een onzer redacteuren Robèrt Misset
Steeds kleiner wordt de wereld van tenniscoach Cees Houweling, de
selfmade man die zijn coachdiploma kreeg zonder examen te doen. ,,Omdat
ik vanwege een te lage schoolopleiding niet voor de cursus in aanmerking
kwam.'' Nog een klein hoekje van het nieuwe tennispark van Popeye Gold
Star is bestemd voor de 62-jarige Amsterdammer, al heeft hij formeel
geen binding meer met de club waar hij bijna veertig jaar training heeft
gegeven. Houweling leverde in de jaren zeventig met Nanette Schutte,
Simone Schilder en Karin Moos al jeugdkampioenen af. Hij zag vervolgens
hoe Glenn Schaap en Paul Dogger de top niet haalden en boetseerde daarna
het talent van Richard Krajicek, Brenda Schultz en Kristie Boogert. ,,En
altijd moest ik tegen de stroom in roeien.''
Onder de deelnemers aan de nationale Masters in Warmond deze week
bevonden zich oud-leerlingen van Houweling als John van Lottum, Dennis
van Scheppingen en Sjeng Schalken. ,,Maar dat zag ik op Teletekst, want
in die wereld kom ik nauwelijks meer'', vertelt Houweling in zijn
Amsterdamse flat. ,,Ik houd me bij voorkeur bezig met jonge kinderen.
Die zijn nog onbedorven. Zo heb ik nu Pascal Jansma onder mijn hoede, de
kampioene tot twaalf jaar. Ze trainde al bij het district, maar dat ging
niet goed. Toen kwam ze bij mij.'' Glimlachend: ,,Ze kwamen altijd bij
mij, zelfs als het niet mocht.''
De eeuwige strijd met de Koninklijke Nederlandse Lawn en Tennisbond
(KNLTB) heeft hem getekend. Wie geeft hem ooit erkenning voor het
opleiden van al die talenten? Houweling: ,,Ik heb Stanley Franker vijf
jaar geleden verweten dat hij een dictatoriaal bewind voerde waarbij
talenten kapot werden gemaakt. Ik was zijn hofleverancier, ik was te
bedreigend voor hem. Ik gedroeg me namelijk niet als een van de
ja-knikkers, die Franker in de loop der jaren om zich heen heeft
verzameld. Sterke figuren werden onmiddellijk uit de weg geruimd, die
konden de machtsbasis van Franker slechts verstoren. In bijna elke
relatie die ik had met een pupil heeft Stanley zitten stoken. Hij had nu
eenmaal een voortrekkersrol voor zichzelf in gedachten.
,,De verdienste van Franker is dat hij sponsors voor de bond heeft
binnengebracht en dat hij coaches aantrok die met de spelers konden
reizen. Maar van het opleiden van tennissers had hij geen flauw benul,
al trok hij wel alle eer naar zich toe. Ik herinner me nog goed hoe Stan
het circus rond Paultje Dogger regisseerde. Dat joch mocht in 1988 op
het demonstratietoernooi in Ede tegen de grote Ivan Lendl spelen.
Franker vertelde op de radio hoe hij Dogger naar de top had gebracht en
zelfs Duitse televisieploegen verschenen in Ede om dat wonder vast te
leggen. Die druk kon Dogger helemaal niet aan, ze hebben hem het hoofd
op hol gebracht. Toen ik die kermis in Ede aanschouwde, wist ik dat het
snel met hem afgelopen zou zijn. Paul kreeg een pak op zijn broek van
Lendl, mocht een jaar laten nog eens tegen John McEnroe spelen en verder
hebben we weinig van hem vernomen.''
Ook met Brenda Schultz-McCarthy had het volgens Houweling anders kunnen
lopen als ze niet voortdurend tussen twee vuren had gelegen. ,,Ik heb
Brenda vanaf haar dertiende jaar getraind'', zegt Houweling. ,,Ze komt
af en toe nog bij me oefenen, al vrees ik dat het met haar rugblessure
nooit meer goed komt. Een hernia kan zomaar terugkomen. Maar Schultz
worstelt nóg met haar forehand sinds ze haar grip op advies van
Franker bij een zekere Belser heeft laten veranderen. Telkens als ze
geestelijk in nood zat, omdat die forehand niet
werkte, moest ik haar komen redden. En Brenda had als meisje van
zeventien echt een van de beste forehands in het circuit. Desondanks
heeft ze met die gebrekkige slag de toptien gehaald, kun je nagaan hoe
ver ze had kunnen komen.
,,Ik heb haar geleerd dat ze moest springen bij een volley. Een panter
wandelt ook niet naar zijn prooi. Dat vond Franker maar niks. Hij deed
een greep uit de kas van de KNLTB en stuurde Schultz naar de
tennisschool van Roy Emerson, een grootheid op het gebied van volleren.
Na haar verblijf bij Emerson werd ik gebeld door Frans Otten, de
toenmalige directeur toptennis, die bijna tien jaar lang
kwispelstaartend achter Franker heeft aangelopen. De man zal
ongetwijfeld bepaalde capaciteiten hebben gehad, maar ik heb hem alleen
horen brallen tijdens partijen van de Nederlandse Davis-Cupspelers. Ik
moest van Otten een video van de trainingen van Schultz bij Emerson
komen bekijken. Brenda sprong inderdaad niet bij het volleren. Ik zeg
tegen Franker en Otten: 'Maar zien jullie ook hoe ze de ballen
aangespeeld krijgt? Zo simpel gaat het toch niet in
een wedstrijd?' Ik ben meteen vertrokken.
,,Helaas heeft ook Schultz zich bezondigd aan wat ik jojo-gedrag noem.
Brenda is al haar leven lang op zoek naar de ideale coach. Ik weet niet
wat Franker met haar gedaan heeft dat hij nog zo veel invloed op haar
heeft. In haar naïviteit heeft Schultz nog een tijdje bij een
Spaanse playboy gezeten, omdat ze verkikkerd op hem was. Maar ik vond
het triest haar te zien knoeien met gesjeesde talenten als Glenn Schaap
en Paultje Dogger. Dat sloeg tennistechnisch natuurlijk nergens op. Die
jongens gingen met haar sparren en mochten zich na drie overwinningen
plotseling coach noemen. Brenda kan nu eenmaal niet alleen zijn, ze
heeft zelfs haar zusje en haar echtgenoot een tijdje meegenomen. Maar
dat werkt natuurlijk niet.
,,Ik heb het bij meer spelers geconstateerd: ze verwaarlozen de basis en
beschouwen elke trainer als een verbetering, terwijl ze de rode draad in
hun spel uit het oog hebben verloren. In hun onschuld kwamen ze bij de
bond terecht die hun mooie reisjes beloofde. Maar de bondstrainingen sloten nooit aan bij de structuur die ik al had
aangebracht. Kristie Boogert had meer talent dan Schultz, dat meisje had
het perfecte topsportlichaam. Maar ook zij is gaan zwerven en zie waar
ze nu staat. Van Lottum en Van Scheppingen, zelfde verhaal. Die jongens
breken niet door, ze blijven hangen op hetzelfde niveau.
,,Van Lottum heeft het moeilijk gehad na de scheiding van zijn ouders,
maar hij lijkt zijn balans te hebben gevonden. Toch zou ik het gif dat
uit zijn ogen spat ook wel eens in zijn slagen willen zien. Hij kan zijn
tegenstanders te weinig onder druk zetten, topspelers zetten dat ventje
simpel opzij. Ook Van Lottum zocht een andere coach, maar hij heeft
alweer gebroken met de voormalige bondstrainer Ron Atkinson. Na een paar
nederlagen gaan ze twijfelen en moet er weer een ander komen. Stefan
Edberg heeft in zijn leven twee trainers gehad, Richard Krajicek werkt
al bijna negen jaar uitstekend samen met Rohan Goetzke. De stabiliteit
in een relatie tussen coach en speler betaalt zich altijd uit.''
Nieuw talent dient zich nauwelijks aan. ,,De erfenis
van het alles verwoestende beleid van Stanley Franker'', meent
Houweling. ,,Hij heeft zich nooit bekommerd om het opleiden van talent,
Stan zag de districttrainers twee keer per jaar. Zijn opvolger Michiel
Schapers is bezig met een inhaalrace.'' Maar ook de tennisscholen zijn
volgens Houweling verantwoordelijk voor de stagnatie bij de jeugd. ,,De
tennisscholen hebben zich nu verenigd in de hoop gezamenlijk wel een
sponsor te vinden. Ik geloof er niet in, het is pure armoede. Normaal
gesproken werken ze niet met elkaar samen en preken ze slechts voor
eigen parochie.
,,Bovendien hebben ze de neiging hun klanten te misleiden door ze te
adviseren fulltime te gaan tennissen, terwijl ze daar het talent niet
voor hebben. Maar de schoorsteen moet roken. Dure, buitenlandse trainers
moeten worden betaald en het geld moet toch ergens vandaan komen. Die
kinderen verwaarlozen hun schoolopleiding, blijven vervolgens tennissen
omdat ze niets anders om handen hebben en de ouders mogen betalen. Die
schrijnende situatie doet zich in Nederland bijna overal voor.''
Iedereen zoekt een nieuwe Krajicek en Houweling heeft hem al gevonden,
zij het dat die ontdekking tevens leidde tot een breuk met zijn
voormalige pupil. Drie jaar lang trainde de peetvader van het
Nederlandse talent Michelle Krajicek, de dochter uit het tweede huwelijk
van Petr Krajicek. En nog steeds fungeert hij als souffleur op afstand
van het in Tsjechië woonachtige meisje. Drie jaar geleden nodigden
Richard Krajicek en zijn moeder Houweling uit voor een diner.
,,Plotseling vroeg Richard met een cynisch toontje in zijn stem: 'Is die
ouwe al bij je geweest?' Ik antwoordde dat Petr me inderdaad had
gevraagd zijn dochter te trainen en dat ik zijn verzoek zou honoreren.
Toen viel een pijnlijke stilte.
,,Na die maaltijd heb ik nooit meer iets van Richard vernomen, hij ziet
me blijkbaar als een verrader. Maar is het mijn schuld dat een meisje
van zes jaar oud bij me komt dat toevallig ook Krajicek heet? Michelle
is inmiddels negen en ze heeft het koppie van Richard. Zij ervaart haar
achternaam niet als een belasting, ze ziet het meer als een stimulans.
'Ik wil net zo goed worden als Richard', zegt ze altijd. Richard zal
ongetwijfeld van mening zijn dat zijn vader met de begeleiding van zijn
dochter dezelfde fout begaat als met hem. Petr is inderdaad vreselijk
fanatiek, maar hij is milder geworden.
,,Ik moest hem af en toe onder controle houden. Maar Richard was als
kind nogal lui, daar kon zijn vader niet tegen. Hij had als voormalige
handballer in het communistische Tsjechoslowakije altijd een
voorbeeldige discipline getoond. Ik heb Richard van zijn veertiende tot
zijn negentiende getraind, ik heb in die periode een speciale band met
hem opgebouwd. Bij mij ontwikkelde Richard de eenhandig geslagen
backhand. Hoewel ik hem al enkele jaren niet meer heb gezien, was ik
vreselijk trots op Richard toen hij Wimbledon won. Maar nu worstel ik
met een dilemma.
,,Ik ontloop Krajicek niet bewust. Ik zou hem morgen kunnen zien, want
hij traint hier bijna om de hoek. Die geschiedenis met zijn vader heeft
echter een wig tussen ons gedreven, ik voel steeds nadrukkelijker de
behoefte eens met Richard te praten. Ik zou wel eens willen weten waarom
hij zijn halfzusje niet wil zien. Ik heb nog overwogen naar dat gala in
Den Bosch te gaan, want ik zou willen vragen of Krajicek ook iets voor
mijn kinderen zou kunnen doen. De doelstelling van de Richard Krajicek
Foundation om kansarme jeugd in achterstandswijken te ondersteunen,
sluit goed aan bij de situatie van enkele leerlingen uit mijn school.
,,Het tennis in Amsterdam gaat steeds meer naar de allochtonen toe, de
sport wordt steeds kleurrijker. Maar het geld ontbreekt om die kinderen
te laten werken aan een profcarrière. Wat zou het mooi zijn als
die jochies een keer met Krajicek zouden kunnen trainen. Misschien kan
ik dat als kleine tegenprestatie vragen. Want zijn huidige coach Rohan
Goetzke heeft me nooit bedankt, terwijl hij toch een supertalent in
handen kreeg. Alsof het zo eenvoudig is geweest dat talent bij Krajicek
te ontwikkelen.''
|
NRC Webpagina's
12 DECEMBER 1998
( a d v e r t e n t i e )
|