NIEUWS
TEGENSPRAAK
SUPPLEMENT
AGENDA
ARCHIEF
ADVERTENTIES
SERVICE
WWW
 Overzicht
Vragen & Opmerkingen
Begrippenlijst:
A, B,
C, D,
E,
F, G,
H, I,
J,
K, L,
M, N,
O, P,
Q, R,
S, T,
U,
V, W,
X, Y,
Z
Financieel- economische
schakels
|
Internet
Is een netwerk dat miljoenen computers over de hele wereld met elkaar
verbindt. Aanvankelijk werd het voor militaire doeleinden gebruikt en om
het
minder kwetsbaar te maken is er geen centrum, geen hiërarchie. Later
communiceerden vooral wetenschappers via het net. De komst van het World
Wide Web (www) laat aantrekkelijke beeldschermen , Web-sites, zien.
Daarbij kan de gebruiker via 'hyperlinks' van het een naar het ander
springen
('surfen'). Zo werd Internet in 1995-96 snel populair. Via een abonnement
bij
een 'access-provider' kan men zich toegang verschaffen. Het prettige is
dat dit
meestal tegen locale telfoonkosten kan. Een zo grote zee van informatie
ligt
dan open voor de gebruiker dat deze er al snel in verdrinkt. De grote
toestroom heeft hier en daar geleid tot file-vorming (lange wachttijden).
Internet is ook populair vanwege de mogelijkheid van electronic-mail,
kortweg
e-mail. De gewone post heet onder e-mailers vanwege z'n slakkengangetje
'snail-mail'.
Zoals de telefoon ons oor overal op de wereld te luisteren kan leggen, zo
kan
Internet ons oog over de hele wereld laten gaan. Dit zal ingrijpende
gevolgen
hebben voor communicatie tussen mensen en voor de distributie van
goederen
en diensten. Veilig betalen via het net en ook telefoneren via het net
zijn
binnenkort mogelijk. Binnen Internet ontwikkelen zich momenteel
Intranets:
deelverzamelingen van het net die alleen voor bijvoorbeeld het personeel
van
een bepaalde onderneming of instelling toegankelijk zijn.
Maurice de Hond schreef een interessant boekje over de gevolgen van
Internet
voor de samenleving: Dankzij de snelheid van het licht, de
digitale toekomst uitgelegd voor digikenners en digibeten, Het Spectrum
1995.
Recent verscheen D. de Kerckhove, Gekoppelde intelligentie, De
opkomst van de WEB-maatschappij, SMO Den Haag 1996. Daarin staan
zaken als Interactiviteit, Hypertekstualiteit en Connectiviteit
centraal.
|